Ruimtevaartbeleid

De ministeries die in de stuurgroep NSO zitten, en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) bepalen samen het Nederlands ruimtevaartbeleid en het budget dat daarvoor beschikbaar is. Gemiddeld eens in de drie jaar stuurt de Minister van Economische Zaken en Klimaat , als penvoerder, mede namens zijn collega’s een nota naar de Tweede Kamer waarin de hoofdlijnen van het ruimtevaartbeleid en het budget worden uiteengezet.

Aanleiding voor zo’n nieuwe beleidsnota is meestal de voorbereiding van een ESA ministersconferentie, het moment waarop ESA-lidstaten aangeven hoeveel en op welke ESA-programma’s zij inschrijven. Ter voorbereiding van de beleidsnota schrijft het NSO op verzoek van de betrokken ministeries een advies.

Begin december 2016 vond er weer een ESA-Ministersconferentie plaats. In november daaraan voorafgaand  is de beleidsnota gepubliceerd. Basis daarvan was het door het NSO uitgebrachte advies met daarin de formulering van de visie en ambitie van de Nederlandse ruimtevaart en een voorstel voor een instrumentarium om de ambitie te verwezenlijken. De kerngedachte van de visie en ambitie is dat het gebruik van ruimtevaart ten behoeve van wetenschappelijke, maatschappelijke en economische toepassingen centraal staat.